Afdrukken

6 november 2020

Het hele artikel op de Volkskrant.nl

In de Volkskrant van vrijdag 6 november 2020 las ik het artikel Alleen nog Europees geld bij naleven rechtsstaat. In dit artikel worden de landen Polen en Hongarije geduid als landen, waar de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht steeds verder wordt ondermijnd. In Brussel wordt de discussie gevoerd hoe deze landen weer in het democratisch gareel te krijgen.

Ik ben vanwege mijn jarenlange ervaring met civiele procedures, waarin de rechten van mijn man, zoon en mijzelf door magistraten met voeten zijn getreden, van mening dat politici in Nederland en andere belanghebbenden er op de een of andere manier zeer goed in slagen de schijn op te houden, dat de rechtsstaat hier prima functioneert.

Zo heeft de Secretaris-generaal H.C.J.L. Borghouts van het ministerie van Justitie ooit gesteld:

"Ik ben van mening dat actiemogelijkheden van verschoning, wraking en een verantwoorde toedeling van zaken door het gerecht, naast het instituut van toezicht op de rechterlijke macht door (de Procureur-generaal bij) de Hoge Raad, een voldoende effectief instrumentarium ter voorkoming van ongewenste functiecombinaties bij leden van de rechterlijke macht vormen"

Dit vertegenwoordigt een positieve visie, maar de feiten zijn daarmee helaas niet in overeenstemming.
Het is zeer naïef om aan te nemen, dat magistraten een toonbeeld zijn van efficiëntie, deskundigheid en onberispelijke onpartijdigheid. De rechterlijke macht heet een gesloten apolitiek en vér buiten het gewone leven staand systeem te zijn van uiterst respectabele, integere, gezagsgetrouwe, volgens sommigen wat wereldvreemde personen. Waar men ziet dat de rechterlijke macht eigen bevoegdheden benut voor het realiseren of in stand houden van afscherming, kan de vraag gesteld worden of dat niet eigenlijk in de kern van de zaak neerkomt op misbruik van gegeven voorrechten, c.q. misbruik van macht.

Ik beschik dus over vele vonnissen, Beschikkingen en arresten, waarin onomstotelijk wordt aangetoond hoe slecht het in Nederland gesteld is met de civiele rechtspraak, dit tot aan de Hoge Raad toe. Uit de geanalyseerde procedures blijkt bovendien, dat er inzake door magistraten begane juridische misslagen en andere fouten naast ondeskundigheid zelfs meerdere malen sprake is van opzettelijk onrechtmatige rechtspraak en knoeiwerk in de door hen gewezen vonnissen en arresten, dit ten gunste van een door hen om redenen belangrijkst gevonden procespartij, dit met enorme mentale en financiële gevolgen voor de ten onrechte verliezer, zijnde in dit geval mijn man, zoon en ik.
Mijn mening is dan ook, dat het een zeer goede zaak zou zijn, dat er betreffende de civiele rechtspraak eveneens een commissie in het leven geroepen zou worden vergelijkbaar met de Commissie onder leiding van prof. Y.Buruma betreffende strafzaken.

De zogenaamde V.N.I. zaak staat reeds op de website. Binnenkort zal ik overgaan tot het beschrijven van de erbarmelijke gang van zaken met betrekking tot de op 25 juni 2008 en 20 november 2012 door mijn man en mij opgestarte procedures tegen ING. Ik zal mijn rapportage opdelen in meerdere artikelen, zodat het leesbaar en overzichtelijk blijft. Een kortgedingprocedure is in juni 2008 voor ons desastreus afgelopen, omdat ING in haar pleitaantekeningen en ter zitting beweerde, dat wij lange tijd geen rente inzake onze op 3 september 2002 met ING afgesloten kredietovereenkomst hadden betaald, terwijl die rentebetalingen zoals overeengekomen met ING via automatische debiteringen van onze rekening-courant-rekening steeds hadden plaatsgevonden. De voorzieningenrechter hechtte echter alleen waarde aan de verklaringen van de advocaat van ING en van de ook aanwezige kredietmanager van ING, waarna zij in haar vonnis van 30 juni 2008 aan ING toestemming gaf onze woning te veilen.

Helaas is mijn man op 16 augustus 2017 plotseling overleden, zodat ik lange tijd niet in staat was de input voor de website te verzorgen. Thans probeer ik ook vanwege het maatschappelijk belang verder te gaan met mijn publicaties, die alle een schokkend beeld zullen geven inzake de kwaliteit van het civiele recht in Nederland, alsook ik zal bewijzen hoe vele advocaten de gedragsregels voor de advocatuur schenden, alsook zij lak hebben aan wetsartikel 21 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv).

Ik raad mensen aan ook zelf goed op te letten wanneer zij geconfronteerd worden met een vonnis of arrest, waarbij zij het gevoel hebben, dat dit niet in overeenstemming is met de realiteit en dan actie te ondernemen.

Gonnie Akkermans