Auteur: Lynn D'hondt

PDF

Het vertrouwen dat burgers schenken aan overheidsinstellingen - zoals het parlement, politie en Justitie - blijkt een belangrijk gegeven te zijn in de samenleving. Het heeft immers een sterke impact op het functioneren van deze instanties. Wanneer er geen vertrouwen is vanuit de bevolking in dergelijke instellingen zijn ze niet in staat om op een goede manier hun werk te verrichten. Daarnaast staat zonder vertrouwen de politieke democratie op de helling, vooral omdat de legitimiteit van de instelling in twijfel getrokken wordt. Legitimiteit gaat verloren wanneer vertrouwen afwezig is. Zonder legitimiteit riskeren overheidsinstellingen belangrijke middelen te verliezen, zoals bijvoorbeeld het naleven van de wet door de burger en participatie van de bevolking aan het politieke leven. (Van de Velde en Pauwels: 2010)

In heel wat recente literatuur wordt er gesteld dat het niet zo goed gaat met het vertrouwen dat de bevolking heeft in deze instellingen. Meer nog, er wordt zelfs gezegd dat politie en Justitie de laatste jaren in een ‘vertrouwenscrisis’ verkeren door een aantal gebeurtenissen die breed werden uitgesmeerd in de media. Voorbeelden hiervan uit de jaren ’80 en ‘90 zijn de zaak Dutroux, het onderzoek rond de Bende van Nijvel en het Agusta-schandaal. (Van Damme, Pauwels et al: 2010) Door de vele problemen en schandalen ontstonden steeds meer kritieken die resulteerden in een groots publiek debat. De periode na de vele schandalen betekende de start van een academische reflectie over het vertrouwen van de bevolking in dergelijke instellingen. Het werd duidelijk dat er nood was aan het ontwikkelen van kwaliteitsvolle meetinstrumenten, aangezien er geen betrouwbaar instrument voorhanden was om de opinies en attitudes van de bevolking in kaart te brengen. (Parmentier en Vervaeke: 2011)

Recente voorbeelden tonen aan dat er nog steeds sprake is van een mogelijke schending van het vertrouwen dat burgers in politie en Justitie stellen. Denk hierbij maar aan vrijlatingen van verdachten door procedurefouten, het laten verstrijken van de verjaringstermijn van een gerechtelijk dossier, de zaak rond Jonathan Jacob en ga zo maar verder. Deze ‘mistoestanden’ worden steeds breed uitgesmeerd in de media en zorgen ervoor dat de politie en het gerecht niet in een positief daglicht komen te staan. Dergelijke zaken brengen het imago van politie en vooral Justitie ernstige schade toe. (Van Damme, Pauwels et al: 2010)

Auteur: Prof. Dr.ir A.F.P. van Putten en M.E. van Putten-Veeken

Organisatie: Stichting Hollandpromote.com

PDF

Martin Heidegger1; ‘de verschijningsvorm van de waarneming is niet ‘het zijn’ van die waarneming’. Op ontstellende wijze is in de afgelopen jaren duidelijk geworden dat onze maatschappij niet is wat het lijkt. Een totaal demasqué van alle maatschappelijke geledingen, de politiek, de uitvoerende ambtenaren, en de ambtenaren met rechtspraak belast, heeft het ware gezicht van de rechtstaat getoond.2 Steeds opnieuw blijken eigen belangen een dominante rol te spelen.

Gaan we uit van een normale verdeling dan wordt het bestaan aangenomen van een populatie van ca. 30% direct belanghebbenden die mogelijk functioneren als rotte appels in de maatschappij en bijna alles infecteren wat gezond is en in het dagelijks leven optreden als farizeeërs

Bij het behartigen van politieke, rechtstatelijke en religieuze belangen bestaat een schrikbarend gebrek aan moraal en ethisch besef tot op de dag van vandaag. Dit heeft zich geuit in alle sectoren en disciplines die deel uitmaken van onze maatschappij. Tot op heden hebben ambtenaren tezamen met de verantwoordelijke personen op schaamteloze wijze sanctieloos beslissingen kunnen nemen en opleggen buiten het grondwettelijk referentiekader. Iedere vorm van zelfreflectie en real time feedback ontbreekt. Een antwoord op de vraag: Is er enige systematiek en methodiek te ontdekken in de uitkomsten van onze huidig maatschappelijk functioneren? Observaties ondersteunen het gestelde.

Auteur: Guillaume Calus

PDF

Van een rechter verwachten wij dat hij verstandig genoeg is om ter zake doende informatie te onderscheiden van irrelevante mededelingen, dat hij zich niet zal laten misleiden door suggestieve elementen en dat hij onzekerheden op hun juiste waarde zal weten te schatten. De bijna grenzeloze vrijheid bij de vorming van het rechterlijke oordeel veronderstelt dat het immuun is voor denkfouten, heuristieken en vooroordelen. Wij rechtvaardigen ons vertrouwen in de man of vrouw met de hamer door erop te wijzen dat rechters vaklieden zijn. Van vaklieden verwachten wij immers dat zij ongevoelig of althans minder gevoelig zijn voor denk- en interpretatiefouten. De vraag of die veronderstelling houdbaar is, vormt het onderwerp van deze verhandeling.


De studie van het recht als exclusief juristenwerk is een lang achterhaalde opvatting. Ook psychologen ontwarren zijn kluwen en bestuderen zijn actoren met een immer groeiende belangstelling. Het recht is er immers op gericht het menselijk gedrag in een zekere richting te sturen en binnen welomschreven kaders te doen verlopen. Een amalgaam van regels, stuk voor stuk het kind van de menselijke geest. Rechtsregels en de instituties die zulke regels vormen en toepassen, zijn inderdaad bij uitstek mensenwerk. Psychologie focust zich op dit mensenwerk. Hoe mensen zich gedragen en welke invloeden zij daarbij ondergaan, maar ook hoe mensen vinden dat anderen zich behoren te gedragen en hoe dat kan worden bewerkstelligd. Rechtsvinding is immers in essentie een psychologisch proces. Wat gaat er om in het hoofd van een rechter als hij zijn beslissing neemt? Houdt hij wel voldoende rekening met de psychologische valkuilen? Rechtspsychologie is booming business. Er zijn op dit gebied inmiddels zes wetenschappelijke tijdschriften en twee bloeiende.


Het vertrouwen in justitie omvat meer dan het vertrouwen in rechters, maar laat ik toch even met die rechters beginnen. In een samenleving boordevol meningsverschil en belangenstrijd heeft de rechter het laatste woord. Het is zijn taak om uitspraak te doen, daar waar de betrokkenen zelf niet tot een wederzijds aanvaardbaar besluit konden komen. Een belangrijk inzicht hierbij is dat onze rechters een wettelijk geregelde monopoliepositie bekleden. Burgers zien zich bij wet verplicht om voor belangrijke stappen in hun leven een beroep te doen op hetzij een advocaat, hetzij een notaris, hetzij een rechter. Onze magistraten - zoals alle mensen overigens - achten zich te allen tijde bekwaam tot rationele en weloverwogen denkprocessen en beslissingen. Ik besloot te onderzoeken of er sprake is van een gefundeerd zelfvertrouwen of eerder van ‘wishful thinking’.


Bekwaamheid, loyauteit, discretie en objectiviteit zijn slechts enkele van de vereisten die men van een juridisch dienstenverstrekker verwacht. Specifiek in het kader van een juridisch monopolie weerklinkt voornamelijk de roep om vertrouwen. De noodwendigheid zich tot de rechter te wenden, vraagt om vertrouwen, de fond van het rechterlijk gezag. In augustus 2016 hielden de KU Leuven en Wolters Kluwer een uitgebreide bevraging bij zowel burgers als juridische actoren. Hieruit bleek dat het vertrouwen van de rechtzoekende in justitie (verder) gekelderd is tegenover 2014.5 In een opiniestuk voor De Redactie schrijft Jos Decoker terecht dat het systematisch en publiek ondermijnen van het vertrouwen in justitie onder de noemer ‘wereldvreemde rechters’ een gevaarlijk spel is.6 De verwerpelijke woordkeuze deed me stilstaan bij de betrachting van deze scriptie.


De ‘Van Dale’ definieert de term wereldvreemd als ‘onbekend met de wereld en het leven’. Wanneer we de term verheffen uit diens oorspronkelijke context (een sterk gemediatiseerde zaak rond een visumaanvraag van een Syrisch gezin) en vervolgens introduceren binnen het paradigma van deze verhandeling, hoop ik tot de vaststelling te komen dat de rechter wel degelijk bekend is met de wereld en dan in het bijzonder met diens eigen denken. Gnothi Seauton

Auteur: Prof. Dr.ir A.F.P. van Putten

Organisatie: Stichting Hollandpromote.com

PDF

Dit onderzoek geeft een reflectie op de huidige status en dramatische gevolgen die kunnen optreden voor mens en maatschappij als mogelijke uitkomsten van het civiele rechtsbedrijf waaronder faillissementen. Rechters worden tot dusver niet gescreend voor hun (onaantastbare) aanstelling. Zeer vasthoudende rechtzoekenden worden mentaal en financieel in een dodelijke houdgreep genomen, wat uiteindelijk kan leiden tot maatschappelijke en/of fysieke (zelf)moord. Ook als de belangen de gevestigde verhoudingen dreigen te overschrijden treden onvoorspelbare en onvoorstelbare situaties op. We kunnen spreken van (zelf)moord op termijn in de breedste zin van het woord en een aantasting van de rechtszekerheid dan wel van het vertrouwen in de rechtspraak. Veel burgers zijn inmiddels het vertrouwen in de rechtsstaat volledig kwijt door ongehoorde arrogantie en leugenachtig gedrag van rechters, advocaten, gerechtsdeurwaarders, notarissen en overige ambtsdragers. Advocaten en rechters worden soms ook zelf onder druk gezet o.a. door politieke en/of economische belangen, waarbij grenzen worden overschreden.


Het verschijnsel (zelf)moord is zo oud als de mensheid, soms vastgelegd in historische geschriften, bekend in vele culturen en kent aspecten van ethische, culturele en politieke aard. Dit geldt ook voor de rituele of (af)gedwongen zelfmoord. Uit de oudheid zijn zelfmoorden bekend van Socrates, Cleopatra, Cato en Seneca, de Borgia-familie en vele anderen. Een actueel overzicht tot 2016 met uitgebreide literatuurverwijzingen is te vinden op Wikipedia. Als gevolg van de uitkomsten van de Nederlandse rechtspraak en het gedrag van curatoren worden alleen al bij faillissementen per jaar ca 485 zelfmoorden geregistreerd.2 Enkele uiteenlopende aspecten van het wettelijk geregelde machtsmisbruik die de ‘vrijwillige’ dood van slachtoffers ten gevolge kunnen hebben worden besproken.

Auteur: Rabin Gangadin

PDF

De ooit in Nederland werkzame gewezen Surinaamse rechter Walther Donner die zich tevens verdienstelijk maakte als literaire auteur, publiceerde tijdens diens loopbaan een roman, getiteld: De rechter is ook maar een mens. In deze in eigen beheer op de markt uitgebrachte roman praat hij goed wat tegenwoordig aangeduid wordt met het verwerpelijke begrip gerechtelijke dwaling. Zelfs misdaadverslaggever Peter R. De Vries die heel gedecideerd de straffe vinger uitstak naar Ernest Louwes in het kader van de weduwe moord, beroept zich thans op zijn menselijke vergissing nu wetenschappelijk is komen vast te staan dat Louwes de weduwe nimmer kan hebben vermoord. Eenieder die het tegendeel beweerde van hetgeen thans pragmatisch is komen vast te staan, kon met De Vries slaags raken.

Het mens-zijn in een publiek beroep voelt buitengewoon gevaarlijk aan omdat het inherent kan zijn aan menselijke zwaktes zoals: haat, antipathie, voorkeur, nepotisme etc. Stel je een rechter voor, die in zijn jeugdjaren altijd een antipathie heeft gekoesterd jegens mensen van etnische komaf en opeens, binnen het spectrum van zijn rechterlijke ambt, geacht wordt ontdaan te zijn van alle xenofobische beperkingen. Welke tools zouden gedurende diens RAIO traject hebben bijgedragen tot het ontdoen van deze wetsdienaar van diens beperkingen ? Waardoor zou betrokkene opeens beschouwd mogen worden als clean, integer en rechtvaardig? De Nederlandse rechtspraak, die de goedkeuring wegdraagt van ruim 70% van de Nederlandse bevolking, schijnt een ondertoon te kennen van vreemdelingenhaat. Hopelijk niet vanwege de lopende band aan veroordelingen van overwegend en bij voorkeur allochtone verdachten. Het Algemeen Dagblad kopte reeds in 2003 dat Nederlandse rechters allochtone verdachten te gauw een vrijheidsstraf opleggen, terwijl autochtone veroordeelden wegens een zogenaamd cellentekort niet worden opgesloten. Voor allochtone veroordeelden weet men binnen de bajes desnoods kunstmatig een plek te creëren.

 

Auteurs: Gonnie Akkermans & Roelof Wijnholds

PDF


Een advocate (met de schuilnaam Victoria Rugrecht) heeft afgelopen augustus een einde aan haar leven gemaakt. Zij was pas 54 jaar.

Jaren geleden werd zij door haar baas (eigenaar van een middelgroot advocatenkantoor) verplicht crimineel geld wit te wassen, hetgeen zij integer als zij was heeft geweigerd en klokkenluider is geworden. Daarna volgde er door toedoen van overheidsdienaren en gelieerden een gerichte treitercampagne met als enig doel haar het zwijgen op te leggen, dit met het gevolg een onvoorstelbare lijdensweg voor haar, haar gezin en enkelen van haar cliënten. Het doel van de betrokken personages en instanties was haar het leven zo zuur mogelijk te maken, zodat zij hoe dan ook te gronde zou gaan.

Zij heeft verklaard, dat zij in de advocatuur getuige is geweest van het doordringen van de onderwereld in de bovenwereld en heeft geconstateerd dat daardoor meerdere cliënten, onschuldige burgers en kleine ondernemers werden (en worden) kapot gemaakt, gezinnen uiteenvielen, bedrijven failliet werden verklaard als ze weigerden te betalen aan de afpersers en oplichters. Ook heeft zij naar haar zeggen meermaals zelf waargenomen dat haar voormalig kantoorgenoot/advocaat deals sloot met wederpartijen, dossiers en gemanipuleerde stukken uit dossiers te koop aanbood aan wederpartijen en cliënten chanteerde. De toezichthoudende deken heeft zich achter deze criminele advocaat geschaard, louter en alleen om de vuile was buiten het publiek te houden, waardoor de mare, dat het in Nederland allemaal zo koosjer en rechtvaardig geregeld is, overeind zou blijven.

In april 2015 is Victoria in hongerstaking gegaan met het doel om de maatschappelijke discussie op gang te brengen of Nederland de oprukkende onderwereld een halt durfde toe te roepen. Op 29 mei 2015 heeft zij aan contactpersonen bij de politie, recherche, Landelijke Eenheid en de bestuursadviseur van de burgemeester bericht, dat zij nog steeds in hongerstaking was en daarbij gemeld, dat de schade voor haar voormalige huisgenoten/degenen die haar lief zijn/degenen die geweigerd hebben zich van haar te distantiëren, steeds groter werd.

Verder bericht zij, dat nu zij door haar persisterende weigering zich door de deken (!) te laten dwingen mee te werken aan criminele activiteiten failliet is verklaard, waardoor zij andere slachtoffers niet meer als advocaat kon bijstaan, de tijd rijp is om de tuchtrechter te laten bepalen wat het standpunt is van de Nederlandse Orde van Advocaten.
De prangende vraag was daarbij: was ik volgens de Orde verplicht mij als (voormalig) advocaat te laten afpersen en was ik verplicht te handelen in strijd met de wet, of heb ik terecht geweigerd?

Deze vraag is voorgelegd door de drie directe slachtoffers van haar straf/faillissement vanwege haar "ongehoorzaamheid aan de deken".
Ook geeft zij aan, dat zij ’s morgens een gesprek heeft gehad met haar contactpersoon bij de Nationale Ombudsman (mevrouw Marianne van der Kleij) en dat die beaamde, dat zij zelf ook heeft ervaren dat de deken in Utrecht (Midden Nederland, Roest Crollius) zich telefonisch niet goed bereikbaar maakte. Verder schrijft Victoria, dat de deken van de Amsterdamse Orde er wel prompt bovenop zit en een dekenonderzoek is gestart naar mr. Maathuis, die haar bij het kantoor is opgevolgd toen zij zich onttrokken had. De klacht en de eerste reactie van de Amsterdamse deken heeft zij als bijlage meegestuurd.
Tenslotte spreekt zij de hoop uit, dat nu ook de Utrechtse deken in actie komt, alsook de Algemene deken en de deken die met toezicht op de nog (immer) deken mr. Paul Manning is belast.
 
De deken van Amsterdam heeft vervolgens direct de klacht van de slachtoffers in behandeling genomen, hetgeen zou betekenen, dat de opvolger van Victoria (mr. Maathuis) wordt aangepakt.

Op 29 mei 2015 doet zij de Stichting Vrouwe Justitia in Verval het verzoek de onderstaande tekst op haar website te plaatsen, welke tekst voor zich spreekt:


MAG IK UW AANDACHT VOOR MIJN HONGERSTAKING: Rechtsstaat of Bananenrepubliek?

Mijn hongerstaking is een wake-up call:

Goedemorgen Rechtsstaat, vaarwel Bananenrepubliek…
 
Bestuurders luiden sinds kort de noodklok over EXACT hetzelfde als waar al vier jaar mijn klokkenluiderprocedure als voormalig advocaat over gaat. Sinds vier jaar worden mijn gezin en ik geterroriseerd omdat ik als advocaat geweigerd heb mee te werken aan criminele praktijken. Ik heb machteloos moeten toezien hoe vele personen, gezinnen en ondernemers kapot (zijn ge-) gaan door het machtsmisbruik door een deken en advocaten.
De deken heeft mij opgedragen "mee te werken en mijn smoel te houden" anders zou hij mij kapot (laten) maken, net zoals hij met vele anderen heeft gedaan. Hij heeft zijn dreigement uitgevoerd! Ik ben op 20 april 2015 in hongerstaking gegaan om mijn recht (en dat van vele andere slachtoffers) erkend te krijgen.

Ik weiger te handelen in strijd met de door mij afgelegde advocateneed, de wet en mijn geweten. Ik laat mij onder geen enkele voorwaarde afpersen.
Een hongerstaking is een erg heftig middel. Toch wil ik op deze manier vechten voor behoud van onze rechtsstaat. De deken probeert mijn rechte rug te breken door kapot te maken wie mij lief zijn. Mijn dochter, mijn partner, mijn voormalige cliënten, advocaten die tegen de deken in durfden gaan...

Er moet een eind komen aan het machtsmisbruik door deze deken en advocaten. Er is in het geheel geen toezicht op dekens. Het College van Toezicht op de advocatuur is niet bevoegd om in te grijpen in dit geval van machtsmisbruik door die deken.
Ik vraag met mijn hongerstaking uw aandacht:
Corruptie en machtsmisbruik door advocaten en deze deken moet stoppen!


Een andere verklaring van Victoria luidt:

Advocaten worden zelden strafrechtelijk vervolgd voor deelname aan criminele organisaties.
Dekens zoals mr. Manning uit Zwolle blijven zelfs extra lang in het zadel, onafgebroken al sinds 2010... Dan is de “grote discretionaire bevoegdheid”, zijnde een garantie voor onschendbaarheid, dus een vrijbrief voor criminele activiteiten, zoals witwaspraktijken.
De wet mag niet worden getoetst aan de Grondwet.
Gedragingen van dekens mogen in het geheel NIET worden getoetst.
Zelfs niet aan regels van elementair fatsoen...

Ik denk dat ik recht van spreken heb als ik stel: de rechtenstudie is werkelijk een van de simpelst denkbare studies. Het behelst niet meer dan “leren lezen van wat er wel staat en wat er niet staat”. Advocaten mogen zelf hun uurtarief bepalen. Het enige waar zij rekening mee moeten houden, zijn de lange tenen van vakbroeders en –zusters die persoonlijk beledigd zijn als iemand het lef heeft een laag tarief te rekenen. Bij de openingsrede ter introductie in de beroepsgroep word je ingewreven dat je gekozen hebt voor een beroep waar het je altijd goed zal gaan: of het nou goed of slecht gaat met de economie of je nu goed of slecht werk levert:

”rechtzoekendens dood is advocatens brood!”

Rechters hoeven niet alleen niet erg intelligent te zijn, ze zijn ook onaantastbaar. Zij kunnen “per ongeluk” ongecorrigeerd en ongecensureerd blunderen en onbelemmerd hun gang gaan, dit zowel strafrechtelijk als civiel. Op deze wijze maken zij argeloze rechtzoekenden tot slachtoffer, dit zelfs van criminelen, zodat die vrij spel krijgen...
Brave burgers die hun recht proberen te halen zijn vogelvrij als ze een corrupte rechter krijgen “toegewezen”. Daaromtrent zijn vele voorbeelden te vinden.

Verder was Victoria van plan een kickstarter project te starten: crowdfunding voor strijd tegen corruptie bij rechterlijke macht en advocatuur, waarbij het de bedoeling was, dat wie doneerde ten behoeve van de strijd tegen corruptie, daarvoor mocht verwachten dat hij of zij bij het slagen van de strijd juridische bijstand zou krijgen als ze zelf een geschil zouden hebben met de rechterlijke macht en/of de advocatuur, of op een andere manier zouden strijden tegen onrecht. Alle integere klokkenluiders moesten dan voorrang krijgen onder het motto: maak rechtsstaat Nederland weer bezemschoon!

Op 9 juli 2015 richt Victoria in verband met haar faillissementssituatie een e-mail aan de heren Vermeer, Hoekstra en Hameeteman, waarvan de inhoud luidt:

“De wet biedt ruimte om een verzoek te richten aan de RC om de curator te instrueren iets wel of niet te doen (69 en 67 Fw).
Ik heb een verzoek ingediend bij de RC met een nadrukkelijk beroep op dat wetsartikel.
Het verzoek heb ik op vele manieren tegelijk gedaan:

1. per fax, en ik heb verzendbewijs;
2. per post;
3. persoonlijk afgeleverd bij de rechtbank en ik heb ontvangstbewijs van de griffie gekregen;
4. tenslotte alle bewijzen en het verzoek gescand en per mail (dus inclusief de bewijzen dat het door de rechtbank is ontvangen) nogmaals onder de aandacht van de griffie van insolventie gebracht;
5. daarvan kreeg ik een leesbevestiging.

Nu krijg ik als bizar antwoord, zie bijlage, dat verzoeken per mail niet in behandeling worden genomen. Maar ik heb het OOK per mail, maar OOK op ALLE andere wijzen ingediend. Dit is gewoon een weigering om een besluit te nemen.
Dit druist in tegen alle regels van elementair fatsoen, tegen de Grondwet en tegen het EVRM. Dit is een rechtsstaat onwaardig. Vanaf morgen heb ik dus geen GBA adres meer, en ik mag van de curator nergens inschrijven en ik mag geen rekening gebruiken, geen eten kopen, geen drinken kopen, niets. Waar blijft mijn recht op bed bad brood?

Moet ik dan perse eerst een strafbaar feit plegen voor ik netjes behandeld ga worden en mijn rechten worden erkend????? Moet ik mij laten gijzelen????? Moet ik mij door u laten arresteren omdat ik weiger te handelen in strijd met de wet?
Ik doe een dringend beroep op u ieder afzonderlijk en gezamenlijk, om hier tegen op te komen.
Of had ik mij inderdaad aan het bevel van de deken Manning moeten houden dat ik in strijd met de Wwft moest handelen en Rees moest helpen om als advocaat mensen op te lichten en af te persen? Moet ik dan crimineel worden om aandacht te krijgen en mijn recht te halen? Of moet ik het mijn vertrouwensarts aandoen dat hij uit zijn slaap wordt geroepen omdat ik er een eind aan heb gemaakt?????

Ik hoop dat u het onrechtvaardige hiervan wilt onderkennen en er actie op wilt ondernemen.
Ik heb mij nu vier en een half jaar ingezet voor behoud van de rechtsstaat, en ik heb vier en een half jaar mijn Rug Recht gehouden tegen de druk van deken Manning om mee te werken met witwaspraktijken. Ik houd dit niet meer vol.”


Persbericht

Het onderstaande persbericht is door de Stichting Vrouwe Justitia in Verval (VJIV) in juli 2015 naar liefst 115 journalisten gestuurd:
 
In een deel van Nederland overtreden advocaten de wet met instemming of zelfs steun van de deken van de regionale advocatenorde. Die deken kan dat doen omdat er in Nederland geen enkel toezicht is op dekens. Bovendien heeft de deken helaas de macht om zo vaak hij wil klachten tegen hemzelf of tegen advocaten niet door te sturen naar een tuchtraad. En bij tenminste één rechtbank werkt een corrupte rechter tegen wie de president van die rechtbank niets wil ondernemen, ondanks keihard bewijs.

Vrouwe Justitia in Verval en voormalig advocaat Victoria Rugrecht protesteren tegen misstanden in de rechtsstaat. Victoria Rugrecht is inmiddels al ruim 3 maanden in hongerstaking om haar protest kracht bij te zetten.

Afgelopen zaterdag 4 juli heeft Victoria Rugrecht ook namens Vrouwe Justitia in Verval een symbolische actie gehouden bij de start van de Tour de France in Utrecht. Op deze ochtend heeft zij twee kuub bananen uitgedeeld aan omstanders. Zij vroeg hen of zij vinden dat Nederland nog een rechtsstaat is of dat het land een bananenrepubliek aan het worden is. Daarbij kreeg zij naast steunbetuigingen ook verhalen te horen die ernstig te denken geven. Binnen een uur waren er op Facebook meer dan 27.000 meldingen van zeer schrijnende gevallen, slachtoffers van machtsmisbruik van sommige advocaten en rechters.

Na voltooiing van haar rechtenstudie is Victoria Rugrecht als advocaat aan het werk gegaan. Zoals iedere advocaat heeft zij een eed afgelegd dat zij zich ook in haar beroep aan de wet zal houden. De deken van de regionale advocatenorde heeft haar verboden om zich aan de wet te houden en geprobeerd haar te dwingen om geld uit het buitenland wit te wassen via haar kantoor. Dat heeft zij geweigerd en een melding hiervan gedaan bij de overheid. Die deken heeft daarna alles in het werk gesteld om haar kapot te maken. Victoria heeft zich op eigen verzoek laten schrappen als advocaat om de misstanden en criminele acties als klokkenluider aan de kaak te kunnen stellen, zonder dat de deken haar dat nog kon beletten. Dit duurt nu allemaal al vier jaar en die deken zit nog steeds rustig op zijn plek. Als enige deken in Nederland zit hij daar al vijf jaar na een periode van 9 jaar als waarnemend deken. Hoe lang kan deze deken nog doorgaan met onze rechtsstaat om zeep te helpen?


Geen enkele journalist heeft gereageerd!

Uiteindelijk heeft deze dappere integere advocate en tevens zeer aimabel mens de strijd opgegeven, dit nadat zij een tuchtrechtprocedure tegen mr. Maatman had verloren en het haar duidelijk werd, dat geen enkele van de aan haar gedane toezeggingen door o.a. het OM en een deken werd nagekomen en zodoende haar jarenlange strijd en haar hongerstaking van vier maanden voor niets was geweest. De druppel die de emmer deed overlopen was een ten gronde foutief arrest voor haar partner, waarin hij werd veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 50.000,--.

Zij is één van de velen, die door toedoen van de overheid en haar trawanten de dood is ingejaagd!

Om haar te eren en respecteren voor alles wat zij in het maatschappelijk belang heeft gedaan hierbij een citaat van Martin Luther King:

De vooruitgang van de mensheid gebeurt niet automatisch of is onontkoombaar. Elke stap op weg naar gerechtigheid vereist opoffering, lijden en strijd; de onvermoeibare inzet en passievolle zorg van toegewijde individuen.

 

Auteur: Leendert Aalders

Artikel in PDF

Betreft civiel recht:
Zaaknummers Gerechtshof Arnhem - Leeuwarden : 200.069.486.02 en 200.070.726.02.
Zaaknummers Rechtbank Arnhem. : 186206 en 191723.
Arrest van de tweede kamer van 15 juli 2014.


Mijn naam is Leendert Aalders.

Geboren te Rotterdam 29 november 1926.

Wonende : Uranusstraat 30 H  6543 XS  Nijmegen.

Ik wil U een overzicht laten lezen inzake 10 jaar procederen tegen de gemeente Nijmegen en voormalige bewoners van deze woning.

Ik had al een verslag gereed, met alle namen adressen en telefoonnummers en had daarvan kennis laten nemen door het gemeentebestuur. Daarop kreeg ik een brief van de Burgemeester, dat als ik dat verslag aan U zou sturen, Hij mij zou laten vervolgen voor smaad. Die kans zal Ik Hem niet geven, vandaar dat U een verslag ontvangt, zonder namen en adressen. Vreemd vind ik het, dat criminele activiteiten toegedekt worden met dreigementen.

Ter zake:

Na het einde van het koloniale tijdperk werden Indische - Nederlanders gerepatrieerd uit voormalig Nederlands –Indië naar ons land.
Vanuit Den Haag werd er door de Regering opdracht gegeven een logementen gebouw te realiseren voor opvang.
Deze Indische - Nederlandse landgenoten bleven in dit logementengebouw  tot ongeveer 1971. Daarna werden er Gastarbeiders uit Spanje en Turkije gehuisvest.
In 1973 was het logementengebouw weer onbewoond.

De gemeente Nijmegen verstrekte bouwvergunningen op 27 april 1973 en 11 maart 1974 woningwet art.47 om het logementengebouw te veranderen in negen woningen voor permanente bewoning. Kopieën van de verstrekte bouwaanvragen en bouwvergunningen zijn in mijn bezit.
Aannemer van S uit Nijmegen kreeg de opdracht het werk uit te voeren.
Aannemer van S heeft mij een schriftelijke verklaring afgegeven opdracht 9 woningen te realiseren door verandering van het logementengebouw in opdracht van de gemeente Nijmegen.

Bij oplevering nam de gemeente Nijmegen afdeling Sociale Zaken de woningen in exploitatie voor temporaire opvang (blijf van mijn lijf).
De exploitatie werd in 1988 beëindigd, omdat er een nieuw gebouw gereed was voor deze opvang.
In 1988 kreeg een project ontwikkelaar opdracht de woningen te verkopen aan particulieren. Naam project ontwikkelaar niet bekend, omdat vele gegevens niet aanwezig zijn in het gemeente archief.

De eerste kopers Familie van R - J kochten het huis Uranusstraat 30 H  6543 XS  Nijmegen met verstrekking van een woonvergunning van de gemeente Nijmegen, aldus de advocaat Mr V van deze eerste kopers.

Op 5 juni 1989 vraagt Mevrouw R - J  een in - en uitrit vergunning aan bij de Dienst Stadsontwikkeling afdeling Weg - en Waterbouw.

Op 26 juni 1989 werd de vergunning verstrekt aan Mevrouw R - J, wonende Uranusstraat 30 H  6543 XS  Nijmegen, betaalde leges fl  665,02  post/26RA47.1.
Deze vergunning had nooit verstrekt mogen worden.
De bewoner van R was in dienst als opperman stratenmaker bij de gemeente Nijmegen afdeling Weg- en Waterbouw. Na ontvangst van de in- en uitrit vergunning bouwt de bewoner van R een Pergola, palen met een dak erop, zonder bouwvergunning aan de voorzijde tegen het  huis.

Op 15 juli 1992 werd de woning verkocht aan een opzichter Weg- en Waterbouw H in dienst bij de gemeente Nijmegen. De opzichter H nam de kans waar en maakte van de Pergola een open schuur, een houten schuurtje en een zogenaamde garage, een muurtje met twee ramen en twee rolluiken. Een en ander gerealiseerd zonder bouwvergunning.

Vanaf 1965 waren wij bevriend met de Familie H - O, de laatste jaren minder vanwege beëindiging van ons bedrijf en later door ziekte van mijn Echtgenote.